Mmm… kangoeroe!

jan 24 2011

Mmm… kangoeroe!

205 dollar voor 5 minuten! Mijn excuses voor diegenen die mijn klaagzang al gehoord hebben, maar ik moet het toch nog een laatste keer op papier schrijven. Een eenvoudig en kort tandartsbezoek, waarbij de tandarts niet eens iets heeft gedaan behalve wat advies geven en een fotootje nemen, heeft me 205 dollar armer gemaakt!
Ik sukkel al lang met die bepaalde tand, en in België ben ik er al vaak voor teruggegaan, aan 3 euro per bezoek (vullingen en alles inbegrepen), en twee weken geleden begon hij weer pijn te doen. Ik kon er niet van slapen dus ik besloot de volgende dag naar de tandarts te gaan. Wist ik veel dat je hier blijkbaar niet zomaar naar de tandarts kan gaan, ook al ben je aangesloten bij de mutualiteit…
Tijdens mijn blitzbezoek was de knappe assistente vooral druk bezig met foto’s nemen en materiaal aangeven, en de tandarts beperkte zich tot ‘deskundig advies’. Ik had twee opties voor mijn kies: het wortelkanaal laten verwijderen, vullen en een kroon erop: 3000 dollar (SLIK!). ‘En wat is de andere optie?’ vroeg ik met een klein stemmetje. Laten trekken… Dat was maar 600 dollar. (nog altijd slik!) De tandarts vroeg me wat ik wilde doen. Ik was een beetje duizelig geworden van de prijzen en het deprimerende nieuws dat mijn tand niet meer te redden was, en ik zei dat ik er over wilde nadenken. Hij schreef me antibiotica voor (om de ontsteking te remmen) en pijnstillers en voor ik het wist, stond ik met de rekening in mijn hand. Consultatie: 120 dollar, Foto: 60 dollar, Voorschrift: 25 dollar. En ik moest de medicijnen nog gaan halen…

Tandartskosten worden hier dus niet gedekt door de ziekenkas, tenzij een huisdokter je verwijst naar een tandarts omdat je tandprobleem een gezondheidsrisico inhoudt. Volgende keer zal ik dat dan maar proberen…

Gelukkig heb ik mij ook met aangenamere dingen bezig gehouden de laatste weken. Ik heb me een busabonnement aangeschaft, waarmee ik ook alle ferry’s en een aantal treinen kan nemen, en daar heb ik al gretig gebruik van gemaakt. Langzaam maar zeker verdwijnen verschillende buurten van Sydney van mijn lijstje van te bezoeken plaatsen. In Newtown ontdekte ik het ontspannen en alternatieve studentenleven, ik nam de langste ferry die je kan nemen in de baai, de Rivercat naar Parramatta, die een uur lang prachtige uitzichten op Sydney en omstreken biedt, genoot van de beste fish & chips in de gezellige wijk Balmain en verkende het mysterieuze Cockatoo Island, vroeger een gevangenis, dan jarenlang een scheepswerf en nu een toeristische bestemming, waar de opgekalefaterde hangars, kranen, tunnels en schoorstenen een uniek decor bieden voor kampeerders en feestvierders. (als filmset voor een gangsterfilm zou het ook zeker niet slecht zijn) En zo krijgt Sydney meer en meer vorm in mijn hoofd. Het wordt ‘the city of villages’ genoemd en dat is zeker waar. Het CBD (central business district) is op zich niet zo heel groot, maar verspreid rond die stadskern, aan beide kanten van de baai, liggen tientallen ‘dorpjes’ of wijken die elk hun eigen naam en karakter hebben. Ze zien er ook uit als dorpjes. Glebe, waar ik woon, zou perfect ergens mijlenver in the middle of nowhere kunnen liggen. In het midden van de hoofdstraat is een kruispunt waarrond het gemeentehuis, het postkantoor, de politie en de kerk te vinden zijn, en zo gaat dat in de meeste buitenwijken van Sydney. Het is duidelijk te merken dat Australiërs genoeg plaats hebben. Hun land is even groot als heel Europa, maar heeft maar 2 keer zo veel inwoners als België. Dat zorgt ervoor dat het aanvoelt alsof je niet in de stad woont, maar in een gezellig dorpje. En die dorpjes worden niet opgeslorpt in het stadsleven, maar behouden allemaal hun uniek karakter, en dat maakt Sydney zo divers en interessant. Het is alsof je Merksem, Deurne en Borgerhout zou vervangen door Lier, Schilde en Hoogstraten.

Dit weekend zijn we voor het eerst met de auto op stap gegaan. Mahdi, een Iraanse huisgenoot van Marie, had ons uitgenodigd om te gaan barbecueën in de natuur bij de rivier, en dat klonk te aanlokkelijk om te laten gaan. Met een volle auto reden we gisteren naar het Ku-Ring-Gai Chase National Park (aboriginalnamen, even wennen) en bij een bocht in de rivier, midden in een oase van groen, parkeerden we de auto. We spreidden onze doeken uit op de grond en staken meteen de barbecue aan. Kippenboutjes, varkenskoteletjes, kippenworst, rundsworst en kangoeroesteak (suuuuuperlekker!). Er was zeker genoeg vlees, en ik heb met 11 stukken wel mijn best gedaan, denk ik, maar toch bleven er nog een paar worstjes over op het einde. De zon was fel, de schaduw was verfrissend, de buikjes waren vol, de muziek was gezellig, en de dag was geslaagd.

De zomer brengt hier, net zoals bij ons, heel wat activiteiten op gang. Een paar weken geleden is het Sydney festival van start gegaan, met heel wat openluchtconcerten en evenementen. Zo heb ik Emylou Harris zien optreden (een country-legende) en het indrukwekkend symfonisch orkest van Sydney, de knappe dansers van de Sydney Dance Company, traditionele Maori-dansers uit Nieuw-Zeeland en een geweldig blazersensemble uit Engeland: Orkestra del Sol. Ik had al lang niet meer zo veel mensen van verschillende leeftijden, stijlen, rassen, vormen en overtuigingen zo gelukkig zien worden van muziek. Tientallen mensen begonnen spontaan te dansen van de vrolijke muziek en de rest stond glimlachend te klappen en heen en weer te bewegen. Zoek ze maar eens op op Youtube.

Voor de rest is mijn leven hier vrij gewoontjes. Werken van 9 tot 17:30, koken, wassen, enzo. Dat moet hier ook gebeuren! Ik heb sinds kort wel een nieuwe huisgenote. Mijn Canadese huisgenoot is een paar weken op vakantie nu, en Jen, een Duits meisje, woont nu in zijn kamer. Volgende week vertrekt Louise en komt Adele, een ander Australisch meisje in haar kamer wonen. Blijkbaar is het altijd een beetje een duivenkot bij ons, maar dat heeft zo zijn charmes.

Overmorgen heb ik een dag verlof, net zoals de meeste mensen hier, want dan is het Australia Day! De Australische 21 juli is hier een excuus – net zoals alle andere dingen – om naar het strand te gaan en vuurwerk af te steken. Maar het zal moeilijk worden om het spetterende spektakel van 31 december te verbeteren!

De overstromingen die in België blijkbaar uitgebreid op het nieuws zijn gekomen, waren dus niet hier in Sydney, maar vooral in Queensland, in het noorden. Wij zijn gelukkig gespaard gebleven, maar de Queenslanders hebben zwaar afgezien. Sommige huizen stonden tot aan het dak in het water en zelfs Brisbane – geen kleine stad – stond grotendeels blank. Het weer is er al veel op verbeterd, maar de schade is nog lang niet hersteld.

Zo, mijn tenen worden een beetje blauw van de overijverige airconditioning in het internetcafé dus het wordt tijd dat ik mij terug in de warme buitenlucht stort. (zo gaat dat hier nu eenmaal, ik neem soms een zomerjas mee om op het werk te dragen, of op de bus, en zo gauw ik buitenkom doe ik hem weer uit)

0 Comments
Share Post
No Comments

Post a Comment